Criteria voor heroriëntatie

De 16 kwaliteiten voor een retraitebegeleider – model voor zelfevaluatie voor vipassana retraitebegeleiders in het kader van heroriëntatie

 

1. Depth of wisdom: an understanding of the Dharma that is expressed in your life.

  • Beschrijf hoe de Dhamma de rode draad is in jou leven en hoe liefde en wijsheid op een natuurlijke manier tot uitdrukking komen in  jou leven.
  • Welke zie je als je sterke kanten?
  • Waar zou je je nog graag verder ontwikkelen?

 

2. Moral integrity: commitment to living by ethical standards.

Beschrijf je commitment t.a.v. ethisch handelen en hoe je dat tot uitdrukking brengt in je  leven. Neem de 5 precepts als uitgangspunt. ( Zie ook ethische code SIM).

  • Welke obstakels kom je tegen bij ieder van de 5?
  • Welke zie je als belangrijke leerervaringen in dit opzicht.
  • Beschrijf, met de 5 precepts in je achterhoofd, waar je je nog verder kunt ontwikkelen.

 

3. Overall maturity in conduct and emotions; balance and equanimity in life situations.

  • Beschrijf je staat van zijn wat betreft rijpheid in gedrag en omgaan met (lastige)
  • Hoe zie je dat je deze mate van rijpheid belichaamt in je dagelijkse leven.
  • Zijn er gebieden waar je vind dat je nog te leren hebt, c.q. waar je je verder kunt ontwikkelen?

 

4. Compassionate intention: altruistic motivation in serving the Dhamma.

  • Beschrijf je intentie m.b.t. dienend zijn in de Dhamma.
  • Zou je de motivatie waarmee je de Dhamma doorgeeft altruïstische willen noemen en waarom?
  • Kom je gebieden tegen in je persoonlijkheid die dit altruïsme belemmeren.
  • Wat is jouw manier om je altruïsme meer tot bloei te laten komen?

 

5. Depth of meditative insight: experiential understanding of the three characteristics, four Noble Truths.

  • Beschrijf (meditatie) ervaringen waarin het begrijpen van de drie karakteristieken tot uitdrukking komt.
  • Beschrijf (meditatie)ervaringen waaruit het begrijpen van de vier edele waarheden zichtbaar wordt.
  • Welk stadium/stadia denk je gerealiseerd te hebben.

 

6. Teaching skills: ability to express the Dhamma well in communicating with others.

Het betreft hier een groot scala aan kennis, vaardigheden en attitudes die direct verband houden met het begeleiden van retraites en de daaruit voortvloeiende individuele begeleiding.

  • Kennis van de teksten uit de Tipitaka en de vaardigheid om deze duidelijk en zorgvuldig uit te kunnen leggen.
  • Vaardigheid om de klassieke leringen op een soepele wijze te verbinden met het leven in de huidige tijd.
  • Kennis en vaardigheden m.b.t. het begeleiden van groepen, individuele begeleiding in meditatie ontwikkeling en de existentiële thema’s die daar mee samenhangen, groepsprocessen, diagnostiek, door kunnen verwijzen.
  • Kennis van belangrijke lichamelijke en van acuut optredende ziektebeelden en van waardevolle aandachtspunten hierbij tijdens een retraite.
  • Kennis van belangrijke aandachtspunten bij de zit- en loophouding bij een retraite en hierop in kunnen spelen.
  • Kennis omtrent mentale problemen die op kunnen treden bij deelnemers (kennis van psychiatrische ziektebeelden en van een waardevolle hantering hierbij).
  • Beschikken over vaardigheden om aan te sluiten bij het ontwikkelingsniveau van yogi’s.
  • Beschikken over vaardigheden m.b.t. het om kunnen gaan met sociaal-emotionele knelpunten in het begeleiden van een groep en/of in het één-op-één begeleiden van deelnemers zoals:
  • Kennis en alertheid m.b.t. de (valkuilen bij de) machtspositie die een retraite begeleider heeft.
  • Kennis en ervaring in het omgaan met overdracht en tegenoverdracht in het begeleiden, zowel op psychologisch als spiritueel niveau.
  • Omgaan met verliefdheid, boosheid, teleurstelling en gekrenktheid in zichzelf.
  • Wijsheid en compassie in het begeleiden van deelnemers in het algemeen.
  • Sensitiviteit aan de dag kunnen leggen en een voortgaande ontwikkeling van vaardigheden om les te geven aan verschillende groeperingen, zoals met mensen met verschillende culturele achtergronden, ras, klasse achtergronden, mensen met een handicap.
  • Beschikken over organisatorische vaardigheden in het voorbereiden en leiden van retraites.
  • Beschikken over vaardigheden om samen te kunnen werken in het begeleiden van een retraite?
  • In staat zijn om boeddhistische rituelen uit te voeren?
  • Beschrijf kennis en ervaring met andere meditatievormen en met (therapeutische) bewustwordingsmethodieken voor de eigen ontwikkeling. Ben je vertrouwd met andere meditatievormen en oosterse en westerse bewustwordingsmethodieken in het algemeen. (denk hierbij aan: yoga, chi-kung, Transcendente Analyse, cognitieve therapie, object-relatietherapie, psychosynthese, familiesopstellingen etc.
  • Beschrijf in het kort kwaliteiten en competenties die je door opleidingen en je wereldse loopbaan in werk ontwikkeld hebt die van pas komen in het begeleiden van retraites en boeddhistische educatie.

 

7. A commitment to  the principle of dana.

  • Kun je je committeren aan het dana-principe? Waarom wel of niet.
    Wat zie je als de voordelen van het dana-principe voor de ontwikkeling van de Dhamma in de polder.
  • Waar ervaar je obstakels? Waar botst het met andere waarden die jij belangrijk vindt in het doorgeven van de Dhamma?

 

8. Breadth of meditative experience: vipassana, metta, samatha, daily life experiences.

  • Wanneer en bij wie deed je lange retraites, een maand of langer.
  • Wanneer en bij wie deed je metta-retraites.
  • Wanneer en bij wie deed je samatha-retraites.
  • Hoe integreer je de beoefening in de dagelijkse activiteiten.
  • Wat is voor jou de rode draad in je eigen lesgeven m.b.t tot deze verschillende beoefeningen.
  • Insight Dialogue.

 

9. Knowledge of our tradition as found in Pali canon, commentaries and modern writings.

  • Beschrijf je ontwikkeling in de studie van de Pali-canon en kennis van de traditie.
  • Welke leraren, studieretraites hebben bij gedragen aan je ontwikkeling.
  • Welke hedendaagse leraren/schrijvers inspireren je.

 

10. Dharma connection to the Theravada tradition and other traditions.

  • Hoe zie je je verbinding met de Theravada-traditie?
  • Heb je affiniteit met andere boeddhistische tradities en/of spirituele wegen. Hoe beïnvloeden deze je lesgeven?

 

11. Commitment to your own practice and awakening.

  • Beschrijf je commitment naar de beoefening; dagelijkse beoefening, retraites, informele beoefening? Ga je voor de verlichting?
  • Welke vragen en twijfels ben je tegen gekomen en wat maakte dat je standvastig bleef in de gekozen richting.

 

12. Personal and psychological health and self-understanding.

  • Hoe zie je jezelf wat betreft psychologische gezondheid en stabiliteit.
  • Waren/zijn er conditioneringspatronen patronen die van invloed zijn op je psychische gezondheid en stabiliteit: denk b.v. aan depressie, angststoornissen, eetproblemen, verslaving, zelfveroordeling of andere? Wat heeft je geholpen om daar (relatief) vrij van te worden.
  • Zijn er crises geweest in je leven die voor jou uiteindelijk belangrijk transformatiemomenten werden en waarvan je, meestal achteraf, de waarde van kon zien. Mogelijk als belangrijk in je ontwikkeling als begeleider.

 

13. Skill in dealing with the strong psychological experiences that arise for yogi’s on retreat

  • Zie je jezelf als capabel om yogi’s te begeleiden bij moeilijke/ pijnlijke psychologische ervaringen als deze opkomen tijdens de retraite. Denk hierbij aan verlieservaringen en rouw- traumatische ervaringen n.a.v. misbruik, mishandeling, oorlogservaringen- wanhoop, diep verdriet, woede. Maar ook pijnlijke emoties die samenhangen met ernstige ziekte en verlies van fysieke gezondheid.
  • Weet je wanneer je door moet verwijzen naar een therapeut?
  • Zijn er thematieken die je moeilijk vindt om te begeleiden en wat zou je kunnen helpen om je hierin verder te ontwikkelen zodat je hier kundiger mee om kunt gaan als retraitebegeleider.
  • Welke achtergrond steunt je hierbij? Denk hierbij aan opleidingen, eigen doorgewerkte life-events, persoonlijk doorlopen therapie/ begeleiding.

 

14. Consciousness and clarity around money, livelihood, sexuality and intimate relationships.

  • Heb je voor jezelf de ervaring dat  je in de omgang met deze vier levensgebieden voldoende bewustzijn en helderheid ontwikkeld hebt zodat je gedrag in lijn kan zijn met sila, en deze kunt belichamen in je leven.
  • Heb je of had je issues in een of meerdere van deze 4 gebieden. Beschrijf kort.
  • Beschrijf je proces hoe je hiermee tot klaarheid komt in de lijn van sila, c.q. hoe je verantwoordelijkheid hebt genomen voor je gedrag.

 

15. Generosity, lovingkindness and clarity.

  • Beschrijf hoe je deze kwaliteiten belichaamt in je persoonlijk leven en als leraar.

 

16. Experience teaching in this form of silent intensive retreat.

Geef een overzicht/samenvatting van de retraites die je begeleid hebt in de loop van de jaren. Aantal, aantal dagen, met wie samengewerkt.

 

Samenvattende conclusie.

Als je klaar bent met je zelfevaluatie schrijf dan een samenvattende conclusie met betrekking tot de volgende punten:

  • Vind je dat je over voldoende kwalificaties beschikt om de Dhamma door te geven in retraites en andere Dhamma-activiteiten?
  • Welke zie je als jou kwaliteiten, jouw eigenheid als begeleider?
  • Welke zie je als aandachtspunten om je nog verder in te ontwikkelen.